De betekenis en invloed die de Commune van Parijs nog steeds heeft

Peter
Storm heeft op Doorbraak een artikel geschreven over de Commune van
Parijs, die op 18 maart 1871 een aanvang nam en die op 28 mei van
datzelfde jaar uiterst bloedig de kop werd in gedrukt.

Storm
verbaast zich erover dat maar zo weinig mensen weten wat er destijds
echt is gebeurd, echter als je weet ‘hoeveel aandacht’ deze opstand
krijgt in het onderwijs blijft er wat mij betreft weinig verbazing
over.

In een
beknopt artikel probeert Storm de gebeurtenissen op een rij te zetten
en daar betekenis aan te geven. Een dappere poging, maar zoals het
woord beknopt al aangeeft ontbreekt er wel het e.e.a.

Bedenk
bij het lezen van Storms artikel wel dat de betekenis van de Commune
van Parijs gigantisch is en zoals Storm al aangeeft nog steeds mensen
wereldwijd inspireert om tegen dictatoriale machthebbers op te staan.
Storm zal het waarschijnlijk niet met me eens zijn als ik zeg dat de
Commune van Parijs, als de revoluties van 1789 en 1848, de
fundering is en deels de inspiratiebron
is geweest van/voor de revolutie in het Rusland van 1917 en die in het
China van 1949.

Lees het
artikel en vorm je eigen beeld van deze opstand die zo psychopathisch-moorddadig
werd neergeslagen (en lees de teksten/artikelen onder de in de tekst
opgenomen links):

De
Commune van Parijs? De Commune van Parijs!

Geplaatst
op 21
maart 2021

 

Honderdvijftig jaar plus
drie dagen geleden, op 18 maart 1871, begon de Commune van Parijs!
Zo, dat zinnetje staat er. Maar wat gaat er schuil achter die
woorden, “Commune van Parijs”? Vraag het op straat. Vraag het op
school. Vraag het aan collega’s en bekenden. Vraag het aan de
zojuist gekozen Tweede Kamerleden. Ik vermoed dat je wat gemompel
krijgt over opstand, arbeiders, rode vlaggen en bloedvergieten –
als je al iemand treft die het hele begrip iets zegt. Frankrijk, hè?
Daar zijn de mensen nu eenmaal altijd aan het rellen en aan het
staken. Vraag het aan linkse medestrijders, en het gemompel wordt
ietsje luider, de kans dat de naam Karl Marx in het gemompel opduikt
neemt wat toe. Maar een coherent verhaal? Ik denk niet dat je het
krijgt.

Mis ik iets?

Wat je wel krijgt, is
discussiebijdragen. Inzichten. Wat heeft de Parijse Commune ons
vandaag nog te vertellen? En dan lezen we over zelfbestuur, en de
combinatie van directe en representatieve democratie. We lezen over
federalisme versus centralisme, over de rol van vrouwen op de
barricaden, over de Commune van Parijs als een soort laboratorium van
de sociale revolutie, en tevens inspiratiebron. We zien marxisten,
anarchisten en mengvormen noeste ideologische arbeid verrichten om te
laten zien dat de Commune hun gelijk bevestigt en dat van de
ideologische rivalen weerlegt. Natuurlijk hebben de anarchisten meer
gelijk dan de marxisten, uitzonderingen daargelaten. Van mij verwacht
je niet anders dan die mededeling, en ik stel niet graag teleur. Maar
het gaat allemaal wel een beetje aan iets voorbij.

Het zijn nuttige teksten. Het is
goed dat zulke teksten juist in deze herdenkingsperiode onder de
aandacht komen. Mathijs van de Sande en Gaard Kets bespreken dit type
vragen in hun “Van
de Commune naar het communalisme”
, kortgeleden op Doorbraak
verschenen. Detlef Hartmann en Christopher Wimmer plaatsen de Commune
in een historische
context
, als deel van revolutionaire arbeiderstradities en
ervaringen in Frankrijk. Ze bespreken ook relevante verwantschappen
met recente strijdbewegingen als de Gele Hesjes. Op de website van
ROAR-magazine hebben ze een
speciale rubriek
waar allerlei historische en analytische teksten
rond de Commune staan. Daar kun je de visies van Kropotkin, van
Bakoenin en van Marx op de Commune lezen, maar bijvoorbeeld ook de
rol die de Commune speelde in discussies en ervaringen in de
Culturele Revolutie in China in de jaren 1960. Waardevol, smullen
voor de liefhebbers van radicale geschiedschrijving en theoretische
analyse, en beiden zijn wapens in de strijd. Maar er ontbreekt iets.
Dat ontdekte ik toen ik bezig was het artikel dat je nu leest, voor
te bereiden. Dat ging als volgt.

Enkele weken terug kreeg ik het
schrijfverzoek: hé, binnenkort is het 18 maart, kun jij dan iets
over de Parijse Commune gemaakt hebben? Nu zeg ik zelden nee tegen
schrijfverzoeken, en ook nu was het meteen – en onvoorzichtig –
ja. Al snuffelend en denkend kwam ik er niet alleen achter hoe weinig
ik wist over die Commune, hoe ernstig de hiaten in mijn kennis waren.
Ik merkte ook dat het niet mee viel om die hiaten op te vullen. In
alle artikelen rond de herdenking ontbrak veelal dat ene artikel: wat
is er nu eigenlijk gebeurd in die twee maanden dat de Commune van
Parijs realiteit was?

Dikke boeken zijn er over
geschreven. Van
ooggetuige/deelnemer Prosper Olivier Lissagaray
bijvoorbeeld, al
in 1876 uitgekomen, vertaald door Eleanor Marx en door haar
echtgenoot Karl nog nagekeken. Van
Dennis Bos
bijvoorbeeld, een dikke pil zoals het hoort. Voor geen
van beiden had ik nu tijd, en het werk van Bos betreft aan de titel
te oordelen ook weer meer de interpretatie naderhand van de Commune
dan die Commune zelf. Maar beloofd is bij deze beloofd: ik lees het
alsnog. Maar wat ik nog steeds mis, is een beknopt kritisch overzicht
van de gebeurtenissen zelf. Iets meer dan een op zich nuttige
timeline
graag, zoals Marxist Internet Archive die bijvoorbeeld
heeft. En graag ook iets meer dan het plat-pedagogische werk waar
trotskisten zo goed in zijn, waar vaak best
veel zinnigs
in staat, maar waar je na elke alinea Commune twee
alinea’s Marx, Lenin of Trotski met lessen over die Commune
riskeert. Ik overdrijf, maar toch. Nee gewoon, een mooi verslag
waarin je meegesleept wordt in de loop der gebeurtenissen die
tegelijk ook verhelderd worden zonder dat dat perse via citaten van
de Grote Goeroes moet. Moet ik dan werkelijk terugvallen op
Wikipedia?

Toen dacht ik: misschien moet ik
het schrijfverzoek dan zelf beantwoorden met zo’n verslag. Een
beknopt overzicht van de gebeurtenissen is dan ook wat hier volgt.
Zodat mensen die in de herdenkingsliteratuur en de analyses duiken,
misschien ietsje beter begrijpen waar naar wordt verwezen als die
fameuze Commune wordt opgevoerd als Bewijsstuk Nummer 1871 in het
zoveelste linkse dan wel radicale betoog . Nee nee, geen “discours”,
en al helemaal geen “narratief”. Aan die links-academische
woorden heb ik de oorlog verklaard; zelfs Marx kon uitstekend zonder,
om over Bakoenin en Kropotkin maar te zwijgen. Hoe dan ook, wat mij
betreft gaat de geschiedenis van historische episoden aan de analyse
ervan vooraf. Het historische zijn dient het analytische bewustzijn
te bepalen. Naar de geschiedenis dus, en rap! Waar kwam die dekselse
Commune die de gemoederen maar blijft bezig houden vandaan?

Van 1848 naar 1871

We beginnen ons verhaal in de
nasleep van 1848, het jaar dat Frankrijk ook al een revolutie
beleefde. De radicale arbeidersvleugel daarin was vrij snel en
bloedig neergeslagen door de burgerlijke republikeinen die aan de
macht waren gekomen. In het politieke geharrewar dat enkele jaren
voortsleepte, kwam een neef van keizer Napoleon als sterke man naar
voren. Hij liet zich tot president kiezen en vervolgens tot keizer
kronen, Napoleon III. Het Tweede Keizerrijk was een feit.

De arbeidersbeweging was met
repressie goeddeels gebroken, de kapitalistenklasse had geen
rechtstreekse politieke macht en richtte zich op zaken doen, en hoe!
Er volgde een periode van snelle industrialisatie en economische
groei. Het was een feest, maar bepaald niet voor iedereen. De
corruptie was berucht. De geheime politie was gevreesd. Het was een
kapitalistische dictatuur, ook al hadden de kapitalisten die
staatsmacht uitbesteed aan een Sterke Man, de keizer.

In de jaren 1860 kwam er de klad
in. Niet alleen regende het schandalen aan de top. De
arbeidersbeweging begon ook weer te bewegen. Je kunt nu eenmaal geen
land in ijltempo industrialiseren zonder dat je er een snel groeiende
arbeidersklasse bijgeleverd krijgt die voor betere lonen en
arbeidsvoorwaarden gaat opkomen. Die arbeidersbeweging was deels
geïnspireerd door Proudhon, de eerste die zich het etiket
“anarchistisch” positief toeëigende. Hij pleitte voor zaken als
arbeiderszelfbestuur buiten de staat om, waarbij
arbeiderscollectieven zich via federaties verbonden en uiteindelijk
de hele productie in de maatschappij op zich zouden nemen.
Federalisme en zelfbestuur waren dan ook concepten die onder
arbeiders in Frankrijk rond gingen. Proudhon had dit allemaal niet
zomaar bedacht, maar ook weer uit eerdere ervaringen van zich
organiserende ambachtslieden opgepikt en er een theorie uit
ontwikkeld.

Intussen groeide de impasse van het
keizerrijk, dat de vlucht vooruit koos. Een oorlog! Dan schaart
iedereen zich om de vlag, dan verdwijnt elke oppositie als sneeuw
voor de zon. Een aanleiding is altijd wel te vinden. Zo ging in de
zomer van 1870 het keizerrijk ten strijde tegen Duitsland, dat zich
op instigatie van kanselier Bismarck en onder Pruisische leiding tot
keizerrijk aan het omvormen was. Een makkie, dacht Napoleon
kennelijk. Dat werd het ook, maar niet voor Napoleon. Nederlaag
volgde op nederlaag, de arme Franse keizer werd zelfs
gevangengenomen, en de Pruisische troepen sloegen het beleg om
Parijs. Daar heerste niet zozeer de regering, maar de honger. En de
ontevredenheid onder arbeiders en ambachtslieden die na een verloren
oorlog nu ook een bezetting van het radicale, republikeinse Parijs
door keizerlijke troepen tegemoet konden zien.

De Franse regering was intussen
niet meer de oude. Het keizerrijk was onder druk van een eerste
opstand afgeschaft en vervangen door een republiek. Die werd geleid
door conservatieve, deels zelfs monarchistische politici waaronder
Adolphe Thiers zich als aanvoerder profileerde. Het hoogste doel van
die politici? Een snelle vrede met Duitsland, en een afrekening met
de steeds rebelser wordende stadsbevolking van Parijs. In de hoofden
van klassenbewuste Franse politici en Duitse generaals vormde die
stadsbevolking een revolutionair gevaar van onderop dat elk soort van
gevestigde orde in gevaar bracht. Tegenover dat gevaar stonden Franse
en Duitse heersers aan dezelfde kant van de barricade.

Dat bedwingen van Parijs viel
echter niet mee. De bevolking beschikte namelijk over een gewapende
georganiseerde macht in de vorm van de Nationale Garde, een soort
stadsmilitie die niet enkel geweren, maar ook kanonnen ter
beschikking had. Die kanonnen werden nu het doelwit van pogingen om
de orde te herstellen. Op 18 maart 1871 vaardigde Thiers een
proclamatie uit waarin maatregelen tot ontwapening van de Nationale
Garde en herstel van de ‘orde’ werden opgeroepen. Generaal
Lecomte rukte aan het hoofd van regeringsgetrouwe troepen op en
slaagde er via een bliksemactie in om de kanonnen inderdaad aan de
Nationale Garde te ontfutselen. Maar daarmee begon het gedonder pas.

Van opstand naar bloedbad

De regeringstroepen hadden vergeten
om paarden mee te nemen om de kanonnen weg te slepen. Die stonden dus
op een heuvel, de Montmartre, met regeringssoldaten er omheen.
Intussen was Parijs wakker aan het worden, en sloegen verdedigers van
de Nationale Garde alarm. Al snel verzamelden zich menigten om de
nerveuze regeringstroepen, vrouwen vooraan in de menigten, waaronder
de
latere anarchiste Louise Michel
. Wat zijn jullie met onze
kanonnen van plan? Aan die Pruisische bezetters overdragen of zo?
Uiteindelijk gaf Lecomte opdracht het vuur te openen. Soldaten
weigerden, en het was Lecomte en nog een andere officier die de
opstandige woede niet overleefde. Dit was het symbolisch begin van de
Commune van Parijs: de poging tot ontwapening van de Parijse
stadsbevolking, die mislukt was omdat die stadsbevolking tot
revolutionaire daden was overgegaan.

Paniek in regeringskringen was het
gevolg. Parijs was en bleef in handen van de bewapende
stadsbevolking, met de Nationale Garde als ruggengraat. De regering
was intussen gevlucht naar het naburige Versailles, rijke en
conservatieve Parijzenaars volgden dat voorbeeld. Parijs kwam daarmee
in handen van de armere stadsbevolking, arbeiders maar vooral
ambachtslieden en kleine middenstanders. De Parijse Commune als
arbeidersopstand is een mythe. Dat de beginnetjes van de
socialistische arbeidersbeweging – met name aanhangers van
Proudhon, maar er liepen ook een paar supporters van Karl Marx rond –
invloed op de gang van zaken uitoefenden, is onmiskenbaar. Maar de
belangrijkste stroming onder de bevolking greep terug op de Franse
revoluties van 1789 en 1848. Ze stonden bekend als Jacobijnen, waren
radicaal-republikeins gezind, en streefden een gecentraliseerde
democratische republiek na, geen socialistische revolutie.

Nu kwam het erop aan om de opstand
vorm en richting te geven. Aanvankelijk had de opstandige Nationale
Garde het heft in handen. Op 26 maart koos de bevolking een nieuwe
gemeenteraad, de eigenlijke Commune van Parijs. Er kwam een reeks van
decreten: politie en leger werden ontbonden verklaard, de enige
gewapende macht was nog de Nationale Garde. Er kwam een
maximumsalaris voor functionarissen van de Commune. Er kwamen
maatregelen om bedrijven waarvan de eigenaars de benen hadden
genomen, over te dragen aan collectieven van arbeiders. Er kwam een
verbod op nachtarbeid voor bakkers. De scheiding tussen kerk en staat
was afgekondigd. Het was een reeks van radicaal-democratische
stappen, waarvan een deel ook in socialistische richting ging, omdat
de noden van een arme stadsbevolking de door die bevolking gedragen
Commune, ook de niet-socialistische meerderheid ervan, die kant op
duwden.

Het democratische stadsbestuur was
niet alleen gekozen, maar ook tussentijds terug te roepen en af te
zetten door de kiezers. Dat maakte het tot op zekere hoogte anders
dan zomaar een staatsinstelling en gaf Marx en latere marxisten het
argument om er een “staat die al eigenlijk geen staat meer is” in
te zien. Dat is nogal overdreven. Het stadsbestuur gedroeg zich als
staatsinstelling, alleen een stuk democratischer dan gebruikelijk. Al
snel waren er de bekende ellenlange vergaderingen, resoluties,
besluiten die het papier nauwelijks weten te verlaten. Die overdracht
van leegstaande fabrieken aan arbeiders was een besluit. Dat
arbeiders ook zonder zo’n besluit tot bezetting van die fabrieken
hadden kunnen overgaan, paste in dit besluit echter niet. Hier was
gewoon een gemeentelijke overheid aan het werk, democratischer dan
gewoonlijk maar nog altijd een overheid.

Wat echter revolutionair anders
was, dat waren de verhoudingen zowel “onder” als ‘boven” die
gemeentelijke autoriteit. De Parijse Commune erkende naar boven toe
niet langer het centrale staatsgezag, maar riep ertoe op om heel
Frankrijk tot federatie van soortgelijke zelfbesturende communes om
te vormen. Daarin herkennen we de federalistische concepten waar
Proudhon eerder voor pleitte en die onder Franse arbeiders kennelijk
waren aangeslagen. En wie naar onder keek, zag allerlei clubs en
vergaderingen en initiatieven van de stadsbevolking die eigenlijk het
kloppende hart van de Commune waren. Daar gebeurden de echt
revolutionaire en belangwekkende zaken! En precies daarvan krijg je
slechts met moeite een helder beeld.

De anarchist Kropotkin
stelde later vast
dat de Commune het principe van de centrale
staat op landelijke schaal aanviel en overboord gooide. Dat was een
anarchistisch aspect van de Commune. Maar hij schreef ook: “Er was
niet meer reden voor een regering binnen de commune dan voor een
regering daarbuiten.” Maar de regering binnen de commune werd dus
niet afgeschaft, en dat hielp niet echt. De stadsregering zat in haar
kantoren, raakte geïsoleerd van de bevolking namens wie ze haar werk
zei te verrichten, en liep in zekere zin meer in de weg dan dat ze
bijdroeg.

Het initiatief van hogerhand werkte
niet efficiënt, terwijl het initiatief van onderop erdoor verstopt
raakte. Dat droeg aan de slagvaardigheid bepaald niet bij. Natuurlijk
trokken marxisten en vooral leninisten juist de tegenovergestelde
conclusie: de weinig slagvaardige Commune-regering had in een echt
doortastende arbeidersregering moeten worden omgevormd. Alsof dat de
vervreemding tussen stadsbevolking en ‘hun’ bestuurders had
opgeheven.

Aanvankelijk domineerde in de
Commune ook nog het idee dat er een compromis met Versailles mogelijk
en nodig was. Doortastende maatregelen – het in beslag nemen van de
centrale bank en haar tegoeden, bijvoorbeeld – bleven uit. Het
beoogde compromis echter ook: Versailles wilde de opstand
verpletteren. Pogingen om vanuit de Commune tot offensieve actie over
te gaan, mislukten. Intussen begon de regering van Thiers troepen
samen te trekken en de stad met eindeloze artilleriebombardementen te
bestoken. Vanaf 21 mei drongen regeringstroepen het revolutionaire
Parijs binnen. Dat werd het begin van een bloedig einde. De gevechten
duurden een week. Communards – zoals de verdedigers van de Commune
bekend kwamen te staan – verdedigden met heldenmoed straat voor
straat, wijk voor wijk, barricade voor barricade. De Commune doodde
in deze fase enkele gijzelaars, waaronder een bisschop. Vergeleken
bij het bloedbad dat de oude machten aanrichtten om hun orde en
heerschappij te herstellen, stelde het “bloedige optreden” van de
Commune weinig voor.

Op 28 mei was de strijd voorbij.
Maar het bloedvergieten niet. Regeringssoldaten doodden strijdende
communards. Ze doodden communards die zich hadden overgegeven. Ze
doodden mensen die ze van sympathie voor de Commune verdachten. Ze
doodden mannen, vrouwen, kinderen. Zij, en hun rechtse
sympathisanten, gingen nog dagen door met het afmaken van arme
Parijzenaars, vanwege de misdaad van die Parijzenaars: dat ze waren
opgestaan en waren opgekomen voor een vrij en gelijkwaardig bestaan.
Het was een gigantische wraakoefening van rechts, conservatief en
rijk Frankrijk tegen de revolutie, tegen de arbeiders en stedelijke
armen, en tegen hun republikeinse en socialistische en anarchistische
bondgenoten. De wraakoefening kostte enkele tienduizenden mensen,
vermoord door regeringstroepen, meteen het leven. Vele tienduizenden
opgepakte mensen werden langdurig gevangen gezet, in ballingschap
gestuurd en dergelijke. Een van hen was Louise Michel, die er bij was
in de strijd om de kanonnen waarmee de opstand ontvlamde.

En nu?

De Commune was verslagen. De
discussie over haar betekenis was echter nog maar net begonnen, Die
discussie gaat voort, ook vandaag. In Frankrijk maakten rechtse en
linkse politici de afgelopen weken ruzie over de vraag of en hoe
je de Commune moest herdenken
. Waar linkse stadsbestuurders niet
te beroerd waren om met de mythe rond de Commune aan de haal te gaan,
daar zag rechts er een eerbetoon in aan een verwerpelijke
gewelddadige beweging. Rechts veegt daarmee het bloedvergieten dat de
Franse gevestigde orde had bedreven tegen de Commune onder de mat.

Maar rechts heeft wel iets door: de
Commune herdenken is de vijanden van rechts herdenken. De herinnering
aan de Parijse Commune is munitie voor al diegenen die de hoognodige
vrijheidsstrijd blijven voeren tegen bloedige verdrukking in. Onder
hen de dappere demonstranten en stakers in Myanmar bijvoorbeeld. Daar
leeft de Commune van Parijs.

Peter Storm

(Schrijver van het
anarchistische weblog Ravotr.)

Arbeidersstrijd,
Internationaal,
Repressie,
Vrouwenstrijd

Links
naar de nieuwste artikelen op Doorbraak vind je altijd onderaan deze
pagina.

=========================================

Zie ook: ‘La Marseillaise als wereldvolkslied…..

Massamoord veroordelen maakt je geen radicaal of extremist: in een gestoorde wereld is revolutie de gematigde positie

651 miljardairs in de VS zijn sinds maart 1 biljoen dollar rijker geworden o.a. door de Coronacrisis

Paus Benedictus XVI: kindermisbruik gevolg van seksuele revolutie……‘ 

Bolton ‘feliciteert’ Iran vanwege het 40 jarige revolutie jubileum met een oorlogsdreiging……

Cuba na Castro en…. de media tijdens en na Castro‘ (in een VPRO programma)

Extreme armoede >> One.org: houdt ‘druk op de ketel’

Russische revolutie: Bernard Hammelburg >> er was geen aandacht in Nederland voor de herdenking van de Russische revolutie 100 jaar geleden……..‘ 

Michal Citroen (VPRO OVT Radio1) verbaasd over haat tegen de Romanovs (tsaristische familie) in het Rusland van 1917…. AUW!!

Van Haersma Buma en zijn morele revolutie, die geen veroordeling van Trump duldt……..

Gert Oostindie met ongezouten Castro kritiek op de landelijke ‘nieuws en actualiteitenzender……’‘ (alweer in een programma van de eertijds progressieve omroep VPRO)

Dijksma (PvdA) wil ‘groene revolutie’ ontketenen…… OEI! Zandzakken voor de deur en blindeer uw ramen!!

Het is overigens de hoogste tijd voor een wereldwijde revolutie tegen het inhumane neoliberalisme en neokolonialisme, kunnen we eindelijk echt stappen ondernemen tegen de enorme ongelijkheid en de vernietiging van ons aller thuis: de aarde!!

Dag van de Arbeid door PvdA’er van Dijk aangegrepen om te pleiten voor een fooi t.g.v. de minimumloners

Het is de Dag van de Arbeid en ondanks dat er zoveel strijd is gevoerd voor de rechten van arbeiders, die ook nog eens een groot aantal mensen het leven heeft gekost, wordt deze ‘gewoon’ niet gevierd in Nederland…… Trix en Claus hebben samen met specialisten nog geprobeerd om W.A. geboren te laten worden op deze dag, niet helemaal gelukt, maar het feit dat we op de verjaardag van ons nationale waterhoofd een vrije dag hebben, is genoeg om niets te doen aan de de 1 mei viering…….. Meer dan schandalig!!

Vanmorgen hoorde ik PvdA volksverlakker Gijs van Dijk op Radio1 pleiten voor een verhoging van het minimumloon, niet direct door hen fatsoenlijk te gaan betalen, maar door te goochelen met de gewerkte uren….. Volgens van Dijk zou dit zorgen voor een minimumuurloon van € 11.– i.p.v. de € 10,– nu (hoewel dat bij een 36 urige werkweek ‘al € 10,60 is’, als je bijvoorbeeld 40 jaar bent en je werkt 36 uur in een bedrijf waar ook andere arbeiders 36 uur per week werken….)

Van Dijk had het gore lef om erbij te stellen dat hij met deze ‘geweldige fooi’ kwam vanwege de Dag van de Arbeid….. De PvdA politici beginnen al te kotsen als ze het woord socialisme horen, wat niet wegneemt dat ze jaarlijks op 1 mei vroom seniorenflats bezoeken waar ze dan het gore lef hebben om de Internationale te zingen, terwijl de PvdA zo gauw ze plaatsnemen in een kabinet onmiddellijk een inhumaan neoliberaal beleid voorstaan……

Gisteren kwam het fantasie orgaan CPB met tips voor politici over dat minimumloon, waarbij men stelde dat met een verhoging van het minimumloon niet de uitkeringen zoals de bijstand omhoog moeten worden gebracht…. Nee, van die bijstand kan je royaal leven nu goed??!!! Ongelofelijk maar van Dijk wenste geen uitspraak te doen over het wel of niet laten stijgen van de bijstand of andere uitkeringen…..

Nee, leuk al die helden die zich de pleuris werken vanwege de Coronacrisis, maar ze moeten natuurlijk niet denken dat ze eindelijk een fatsoenlijk salaris zullen krijgen…… 

Ach, van Dijk heeft ten overvloede nog eens getoond dat de PvdA in feite al lang geleden is overleden, zoals Asscher nu ook fanatiek en dapper durft te doen, terwijl hij in Rutte 2 een onbeschoft neoliberale politiek hielp uitvoeren….. 

Wat betreft de vakbonden: die zijn ook aangestoken door het PvdA virus, daar heeft o.a. PvdA rollatorslet Klijnsma aan meegewerkt, het is dan ook zaak dat de bezem door deze intussen grote bedrijven in hun peperdrure designgebouwen gaat en men weer aan de kant van de arbeiders gaat staan, i.p.v. het stiekem polderen met werkgevers en politici…… Ben je lid van een bond en je hebt de capaciteit, ga je bemoeien met die bond en probeer de boel om te gooien, arbeid moet eindelijk beloond worden zoals het hoort, met goede arbeidsvoorwaarden en een fatsoenlijk loon!!

Mensen gedenk vandaag de strijd die generaties lang voor fatsoenlijke arbeidsrechten hebben gevoerd, zoals gezegd ten koste van een flink aantal doden en vier ook feest, maar bedenk daarbij dat de PvdA de bevochten rechten voor een flink deel heeft uitverkocht!! De hoogste tijd dat deze partij van verraders eindelijk geheel verdwijnt, dat zou meer dan verdiend zijn!!!

Coöperaties van werknemers of bedrijven met arbeiderszelfbestuur functioneren uitstekend!

Hier
een video van The Jimmy Dore Show, waarin de vraag wordt gesteld hoe
je een systeem noemt in het rijkste land van de wereld (dat zou de VS
zijn, maar daar twijfel ik toch behoorlijk aan) waar bijna de helft
van de bevolking arm is….

Een
interview met Richard Wolf, die voorts aandacht vraagt voor
 coöperaties van werknemers, waar deze een groot deel van de aandelen in het bezit
hebben, dan wel het bedrijf bezitten.

Met veel enthousiasme legt professor Richard Wolff uit hoe een middels arbeiderszelfbestuur geleid bedrijf prima kan concurreren met op kapitalistische leest bestuurde (en zelfs aan de beurs genoteerde) bedrijven…. 

In Spanje is één van de grootste bedrijven een firma die door de werknemers wordt bestuurd en waar managers worden aangenomen door de arbeiders die hen jaarlijks beoordelen op hun prestaties en weet je wat? Deze managers tonen aan dat managers goed kunnen zijn voor een bedrijf (wat maar al te vaak juist niet het geval is….)

Zien
mensen!!

Jimmy
Dore asks…

“What
do you call a system that takes the richest country in the world and
renders half its population poor or low income?”

This
question – and others – addressed.

AN
INTRODUCTION TO WORKER CO-OPS

THEY
WORK, THEY MAKE MONEY,
THEY PROVIDE REAL EMPLOYMENT

AN
INTERVIEW WITH RICHARD WOLFF

What
do you call a system that takes the richest country in the world and
renders half its population poor or low income?”

This
question and others addressed by Richard Wolff.

Here’s
something you probably never hear about from the US news media and
you’ve never heard from a US politcians: Worker co-ops.

One
of the most prosperous regions of Italy – and the world for that
matter – Emiglio Romagna has 40% of its employed in worker coops.

This
includes the cities of Bologna, Parma

It’s
the home of companies like Ferrari, Lamborghini, Maserati, and
Ducati.

The
GDP per capita in around $40,000 US a year, roughly equivalent with
the US.

Zie ook de volgende video met een lezing van Wolff over dit onderwerp:

en  How Class Works — by Richard Wolff:

Ruhropstand (1920), waar de SPD al ‘een mooie rol’ speelde……….

Hoorde vanmiddag op WDR 5 (rond 14.10 u.) nog eens over de Ruhropstand die in de lente van 1920 plaatsvond in, zoals je al begrepen had, het Ruhrgebied. Dit n.a.v. een komend hoorspel op de Duitse radio over deze opstand, een hoorspel dat tegelijkertijd als toneelstuk zal worden opgevoerd voor publiek.

Dat de SPD een kwalijke rol had gespeeld was wel bekend, maar dat de overheid zo gruwelijk ingreep tegen deze opstand, was mij onbekend, een opstand die in eerste instantie begon vanwege de honger en de harde overheidsrepressie…….. (‘Brot und Freiheit’, was één van de leuzen)

Mede de SPD was destijds verantwoordelijk voor het gewelddadig optreden tegen deze arbeiders en sympathisanten van deze opstand. Zo vonden er bij overheidsoptreden van militairen met hulp van zogenaamde vrijkorpsen* (Freikorpsen), standrechtelijk executies plaats (ook van gewonden), werden verdachten gefolterd en schoot men met scherp op demonstranten…… Er zijn zelfs bommenwerpers tegen de burgerbevolking ingezet…….

Het volgende artikel geeft (veel) meer duidelijkheid en komt van Wikipedia:

Ruhropstand

Hagen Rembergfriedhof Märzgefallene.JPG

Standbeeld voor de doden die vielen tijdens de Ruhropstand (Duits: Ruhraufstand of: Märzaufstand) van 1920 in aansluiting op de Kapp-Putsch, op het kerkhof Remberg in Hagen

De Ruhropstand (Duits:Ruhraufstand)
was een 
arbeidersopstand in
het 
Ruhrgebied in
de lente van 
1920.
De opstand was een escalatie van de staking die was afgekondigd tegen
de 
Kapp-putsch,
en werd uiteindelijk neergeslagen door het Duitse leger
en 
vrijkorpsen.
De arbeiders hadden zich georganiseerd in het 
Rode
Ruhrleger
 (Rote
Ruhrarmee
).
De Ruhropstand wordt ook wel aangeduid
als 
Maartopstand (Märzaufstand),
hoewel dit eerder betrekking heeft op meerdere linkse opstanden naar
aanleiding van de Kapp-putsch. De Ruhropstand was echter van deze
opstanden verreweg de omvangrijkste.

Inhoud

Op
13 maart 1920 trachtten vrijkorpsen de macht in Duitsland over te
nemen. Daar het leger weigerde tegen de coupplegers op te treden
reageerden de 
SPDKPD en USPD met
een algehele 
staking.
Deze staking bleek zeer effectief en dwong de coupplegers
uiteindelijk het veld te ruimen.


Binnen
de linkse partijen waren de meningen verdeeld. De SPD, die zelf in de
regering zat, wilde de staking steunen om het gezag van de regering
te herstellen. De gematigden binnen de USPD en KPD wilden ook en
vooral in de eerste plaats voorkomen dat een rechts-autoritaire
regering aan de macht zou komen. Velen binnen de KPD en USPD wilden
echter nog verder gaan en een radenrepubliek oprichten, waarbinnen
eventueel ook andere partijen vertegenwoordigd zouden worden. En de
radicale linkervleugel (KPD, 
KAPD)
wilde vanuit de staking een proletarische dictatuur creëren, waarin
slechts 1 partij in de raden vertegenwoordigd zou zijn. Hoe het ook
zij: aan de staking werd algemeen gehoor gegeven en in heel Duitsland
braken bovendien linkse opstanden uit.


In
het Ruhrgebied werd dezelfde dag nog door SPD, KPD en USPD overlegd.
Een gezamenlijke oproep tot staking aan alle arbeiders volgde, maar
dit ging de USPD en KPD niet ver genoeg. Dezelfde dag nog werd het
Rode Ruhrleger opgericht, en namen arbeidersraden de macht over in
verschillende steden in het Ruhrgebied, waarin met name de KPD en
USPD vertegenwoordigd waren. Ook de KAPD (communistische
arbeiderspartij) en de anarcho-socialistische 
FAUD(vrije
arbeiders unie van Duitsland) waren betrokken bij de opstand. Naast
het Ruhrgebied kwamen ook Saksische en Thüringse arbeiders in
opstand.

De
samenstelling van de arbeidersraden was heterogeen en wisselde
voortdurend. Hoewel de opstand in het USPD-gedomineerde oosten van
het Ruhrgebied was begonnen, kon deze in het door vakbonden
gedomineerde westen op veel bredere steun rekenen. In de bezette
steden werd de politie ontwapend en namen arbeidersmilities hun taak
over, terwijl rechtse kopstukken en fabrieksbazen gevangen werden
gezet.


Schermutselingen

Op
17 maart vond de eerste schermutseling plaats. Bij het
plaatsje 
Wetter raakten
eenheden van het Rode Ruhrleger slaags met de voorhoede van
het 
Freikorps
Lichtschlag
,
dat bekendstond als aanhangers van de Kapp-putsch. Het Freikorps werd
verslagen, en zeshonderd freikorpsleden werden gevangengenomen. Het
Rode Ruhrleger marcheerde op naar 
Dortmund en
bezette ook deze stad. Op 20 maart werden ook in Essen en Hagen
arbeidersraden geïnstalleerd die de macht overnamen. Het Rode
Ruhrleger opereerde meestal in kleine groepjes die zich
per 
fiets voortbewogen
en hierdoor relatief snel konden opereren.

Mislukken
van bemiddeling

De
regering trachtte met de arbeiders te onderhandelen in de
stad 
Bielefeld,
om zo een vreedzame oplossing te vinden. Als de opstand vreedzaam
beëindigd zou worden, dan zou het Ruhrgebied niet militair bezet
worden en zouden leiders niet vervolgd worden. Regionaal
bevelhebber 
Oskar
von Watter
 bracht
deze eis echter op een dusdanige wijze over, dat de opstandelingen
dit als een 
ultimatum zagen
en bemiddeling afwezen.

Escalatie
en neerslaan van de opstand

De
opstandelingen reageerden met een nieuwe oproep tot staking. Het Rode
Ruhrleger zwol snel aan tot 50.000 man terwijl ongeveer 300.000
arbeiders in meerdere of mindere mate met de opstand meewerkten of
symphatiseerden. 
Düsseldorf en Elberfeld werden
bezet waardoor het hele Ruhrgebied effectief was veroverd. Men
probeerde ook Wesel te veroveren maar dit mislukte.

De
regering vond het nu welletjes en op 2 april zette de regering het
leger in. Münster werd het hoofdkwartier van Oskar von Watter.
Reichswehreenheden trokken met politie en vrijkorpsen het Ruhrgebied
binnen. Saillant details was dat binnen deze vrijkorpsen zich ook
sympathisanten van de opstand bevonden. Sommige eenheden hadden de
opstandelingen zelfs geholpen, zoals eenheden van 
Marine-Brigade
von Loewenfeld
.
Tegen deze overmacht was het Rode Ruhrleger niet opgewassen, en de
dag erna (3 april) was de opstand al grotendeels de kop in gedrukt.
De KPD en USPD riepen de arbeiders nu op de wapens neer te leggen,
maar de radicalere KAPD hield tot het laatst toe vast aan gewapend
verzet. Na de Ruhropstand was de breuk tussen KPD en KAPD definitief.

Het
leger trad zeer hardvochtig op tegen de opstandelingen. Zo werden
hele menigten beschoten en werd iedereen die met een wapen werd
betrapt zonder pardon doodgeschoten, ook als men gewond was. De
veiligheidspolitie zou zelfs 
bommenwerpers tegen
de eigen burgerbevolking hebben ingezet, terwijl een luchtmacht
volgens het Verdrag van Versailles verboden was. Op 3 april verbood
president Ebert standgerechten en op 12 april verbood generaal Von
Watter ‘wederrechtelijk gedrag’ door soldaten. De troepen hielden
halt aan de Ruhr toen de Britten dreigden met bezetting van
het 
Bergisches
Land
 wegens
schending van het 
Verdrag
van Versailles
.
Tegen die tijd was de Ruhropstand effectief de kop ingedrukt.

===================================

*Vrijkorpsen: tegenwoordig zijn dit neonazi’s zoals die door de corrupte en fascistische Oekraïense Porosjenko-junta worden gebruikt tegen de separatistische burgers in Oost-Oekraïne, .